GEGEVENS VAN VEROORDEELDE PERSONEN OP HET INTERNET.

Sites die gegevens prijsgeven van veroordeelde soortgenoten die feiten pleegden die algemeen aangenomen worden als “criminele feiten vermeld in het strafwetboek”

3 maart 2009
Willy Van Tittelboom

Wereldwijd, meestal nog wereldwijd raadpleegbaar door iedereen, ontstaan sites die de gegevens van veroordeelde personen vermelden.

Zoals in mijn basisartikel uit 2001 (hier uiteengezet), blijkt eens te meer dat internet niet zo virtueel is als er beweerd wordt, maar dat het enkel één van de vele werktuigen is waar de mensensoort zich van bediend. Werktuig dienstig als communicatiemiddel dat door bijna iedereen van de wereldbevolking kan geraadpleegd worden en gebruikt. Werktuig dat ook onderhevig is aan de evolutie in tijd. Hoe mooi of hoe slecht ook bedoeld een tijdelijk fenomeen dat uiteindelijk zo onbetrouwbaar en gevaarlijk zal blijken als al de andere communicatiemiddelen en dragers.

Uiteraard goedbedoeld, en meestal opgericht door mensen welke in dezelfde materie slachtoffer waren, handelen deze sites over de zwaarste criminele feiten in onze hedendaagse culturen. Ogenschijnlijk verdedigbaar, maar wat als het een algemeen aanvaard item word? Als de massa overtuigd is, terecht of onterecht, dat een dergelijke site nuttig en verplicht moet worden? (In de middeleeuwen deed men bvb. hetzelfde door te brandmerken, schandpaal, ook in andere culturen en tijdperken was er de drang om zichzelf te verschonen en gebruikte men daartoe de dan beschikbare middelen).

Ik zie ze reeds verschijnen op het www, de sites met de namen en gegevens van:

Dieven, joden, brandstichters, holebi’s, druggebruikers, vegetariërs, moslims, terroristen, intellectuelen…

De meeste van deze gegevens bestaan eigenlijk reeds op het www en worden in steeds snellere mate gegroepeerd en opgeslagen. De meeste van deze gegevens bezorgen we zelf aan het www. Zonder enige schroom vertellen we aan het www onze diepste geheimen en gegevens, zelfs deze welke we aan onze beste vrienden niet meedelen. We doen dit door deelname aan enquêtes, Facebook, msn, en vooral door ons surfgedrag dat nauwlettend bijgehouden en gekoppeld word door duizenden zoekservers.

Voor of tegen? Ik ben enkel observator en “the point of no return” zijn we reeds lang gepasseerd. Het enige wat goedbedoelende en empathische soortgenoten kunnen doen is het toegevoegde lijden , dat noodzakelijkerwijs bij elke “nieuwigheid” mee ontstaat helpen beperken.

WELKE KRACHTEN WEVEN HUN “INTERNET” WEB ROND DE WERELD?

2 mei 2001

Er gaat geen dag voorbij of je hoort of leest, hoe snel men vooruit gaat in de communicatiewereld. Steeds meer hoort men praten over “cybernianen”,dat zijn de gebruikers van het elektronische informatiesysteem.


We kunnen ons wellicht nog niet ten volle realiseren hoe de meer en meer opgefokte personal computer onze samenleving geleidelijk maar zeer indringend zal veranderen.
We kennen vandaag reeds het ruim verspreid elektronisch betalen en bankieren. De jongeren worden vanaf de schoolbanken volledig vertrouwd gemaakt met de computer als bron van communicatie, informatie en vorming.
Internet zet een zware stap verder! Computers over de hele wereld vormen netwerken waar over de hele wereld kan mee worden gecommuniceerd.
ALLES wat in de wereld bestaat kan in PRINCIPE op deze netwerken worden getoond, medegedeeld, onderwezen, verkocht.

ENGEL OF DUIVEL?

Iedereen -engel of duivel- kan in principe de wereld toespreken, bevelen, bevragen, bespotten of provoceren.
De cyberwereld is echter géén artificiële wereld, zoals zoveel brave zielen denken, en vooral zoals sommige raddraaiers beweren.
De cyberwereld is een zuiver spiegelbeeld van de werkelijke wereld.
Waaruit natuurlijk voortvloeit dat aan deze elektronische realiteit niet alleen voordelen verbonden zijn.

KAN HET BREIN EEN WAPEN WORDEN?

Zoals de werkelijke wereld wordt geciviliseerd door wetten en gedragscodes, zal ook de cyberwereld in de toekomst aan wetten, afspraken en normen moeten beantwoorden. Het vernuftig elektronisch “brein” kan namelijk in handen vallen van tirannen en volksmenners en een wapen worden. Het kan aanzetten tot geweld en zedeloosheid, het kan oplichten en misleiden.
Alleen daarom moet de wereld zich beraden over de evolutie van de cyberwereld.
Als men aanneemt dat de cyberwereld een weerspiegeling is van de werkelijke, dan is het ook duidelijk dat we deze wereld niet kunnen verloochenen. Want hij brengt ook mensen dichter bij elkaar, opent nieuwe culturele horizonten, versterkt onze kennis en onze wetenschap en kan eventueel ook waarschuwen tegen bedrog en oplichterij of de kuiperijen van tirannen.

GEVAAR!!

Het grootste gevaar schuilt volgens mij echter in de kloof die de toekomstige maatschappij kan doen ontstaan tussen de “cybernianen” die de sleutels van de elektronische communicatiesystemen bezitten, en hun zwakkere medemens die intellectueel of fysiek niet in staat is in deze toch wel ingewikkelde elektronische wereld door te dringen.
Van nu af moeten systemen worden uitgewerkt om de overbrugging te realiseren en vooral daardoor DISCRIMINATIE te voorkomen.


Willem Van Tittelboom


JANUARI 2006:

Sedert 2001 is de verspreiding van internetaansluitingen enorm de hoogte ingegaan. Het voorkomen van de meeste negatieve voortvloeisels van internet , daar zijn we anno 2006 reeds te laat mee. Zoals steeds lossen de meeste filosofen, de moraalwetenschappers, wetenschappers en de politiekers liever de problemen op als ze zich stellen.
Men stelt zich steeds meer onoplosbare vragen, de oplossing ligt in het voorkomen.

MEI 2007:

Meer en meer zie ik hoe iedereen de hete aardappel doorschuift, inderdaad internet is samen met veel andere nuttige of onnuttige toepassingen een wapen geworden, gebruikt door volksmenners, oplichters en misleiders. Angst? Neen, zeker niet, het is een normale evolutie telkens een nieuw speeltje opduikt. Reeds vanaf de eerste ontdekkingen door mensen gepleegd, speelt zich steeds hetzelfde scenario af. Ondertussen vernam ik in de media dat Google onder de grootste bedrijven van de wereld thuishoort en kapitaalskrachtig gezien tot de top behoort. Het trapje van het idealisme van een paar studentoprichters is ondertussen weggegooid. Zal het bij het volgend speeltje idem dito zijn? Ik hoop van wel, anders zou de zekerheid die bestaat over het menselijk handelen ophouden te bestaan en bijgevolg het mens-zijn zelve ook.